1
MARIJKE EKELSCHOT
Pro-media of anti-man¹
Als media zijn vrouwen stukken beter dan mannen. Zo vind je in de literatuur uitsluitend
vrouwen in de rol van medium. Denk maar aan Dorothy Sayers' miss Climpton, die een
zeepdoos om haar been bond en zo via een séance te weten kwam waar het testament was.
Dat vrouwen zulke goede media zijn komt doordat ze zulke goede kontakten hebben met
alles en iedereen en er behagen in scheppen om van die kontakten te getuigen. Dat baseren
wij niet alleen op de literatuur maar ook op onze eigen zekerheid dat dat zo is.
Nu is een medium iets wat het midden houdt tussen het een en het ander; een soort
bruggenbouwster, als we een bijbelse metafoor willen gebruiken en de vrouw in deze als iets
aktíefs voorstellen. Wat minder aktief en bijbels is het medium vooral een brug: een
verbinding tussen de ene kant van het water en de andere kant. Of ook wel - maar dan is het
medium meer een viadukt - een verbinding tussen de ene kant van de snelweg en de
andere.
In beide gevallen is datgene waartussen het medium het midden houdt aan beide kanten
hetzelfde: aan de ene kant een weg en aan de andere kant een weg óf aan de ene kant een
kant van het water en aan de andere kant een kant van het water.
Is het nu denkbaar dat de vrouw als medium het midden is tussen twee dingen die níet
hetzelfde zijn? Op individueel nivo heel moeilijk. Meestal blijven vrouwen als een duikplank
aan de ene kant hangen du moment dat ze merken dat ze aan de overkant iets anders zien
dan aan de achterkant. Ze zijn wel geobsedeerd door wat ze zien aan die andere kant, zo
sterk zelfs dat er voor die obsessie net zoals voor andere ziektes een Grieks woord bestaat,
maar tot een verbinding komt het niet.
Op groepsnivo ligt het allemaal wat anders en dat is vooral de verdienste van het feminisme.
Dankzij dat feminisme blijken vrouwen opeens in staat - mits groepsgewijs dus - tot het
leggen van verbindingen met velerlei zaken die werkelijk anders zijn; zoals daar zijn de
maan, de oergodin, tarotkaarten, het vrouw-zijn en de dierenriem. En ze blijken daar niet
alleen toe in staat, maar ze kunnen dit ook alweer beter dan mannen. Mannen zijn weliswaar
óp de maan geweest. maar daarvoor moesten ze eerst een enorme afstand overwinnen en
zich speciaal kleden. De vrouwen over wie ik het hier heb kunnen tegelijkertijd in hun
gewóne kleren hiér zijn én onderweg naar de maan én op de maan én daarvan naar ons toe
getuigen. (helaas is het in onze taal onmogelijk de eenheid van die veelheid in posities te
stellen)
Ook de verbinding naar god is bij vrouwen in uitstekende handen. Voor de middeleeuwen
hoef ik maar te verwijzen naar zusters als Maria, Bertke, Annabijns en Theresia. Die
draaiden als medium hun hand er niet voor om. Voor de moderne tijden kunnen we denken
aan de heilige Catharina Halkes en haar zusters, die in het consacreren van brood en wijn
en het deelachtig zijn aan het heerlijk lichaam van de heer, mannen ver vooruit zijn. De
blijheid waarmee ze van hun bemiddelende funktie getuigen maken hen tot een medium dat
zelfs het postmodernisme voorbij lijkt te zijn.
Nu ik die term toch heb laten vallen is het misschien tijd voor een eerbetoon aan die vrouwen
die op universitair nivo groepsgewijs een geheel nieuwe vorm geven aan de positie van
vrouwen als media. Vrouwenstudies vat in tegenstelling tot wat de naam suggereert -
vrouwen al lang niet meer op als vrouwen, maar als media zonder meer; als draagsters van
betekenissen; als een soort boeken die je alleen kunt lezen als je vrouwenstudies gedaan
hebt.
Dit laatste maakt hun bezigheden wel een beetje tot elitaire bezigheden, maar zoals wel
vaker gesteld is, voor werkelijke vooruitgang is een elite onmisbaar. De werkelijk
vernieuwende gedachte dat vrouwen gewoon media pur sang zijn, niets meer en niets
1
Verschenen in het 5-jarig-jubileumnummer van het Vrouwenweekblad, Amsterdam 16 december 1987